Er is een grote variatie aan adviezen rondom de timing van de keizersnede in de internationale richtlijnen gebaseerd op symptomen en risicofactoren, reikend van 34 bij hoogrisico tot 39 weken bij laagrisico zwangerschappen met een placenta praevia.
De RCOG (2018) adviseerd een eerder keizersnede termijn dan de meeste andere richtlijnen, gebaseerd op de bevinding van een toename in risico op bloedverlies na 36 weken zwangerschap (Zlatnik et al., 2007). Zie het kopje bloedverlies onder hoofdstuk 2: Wat zijn mogelijke risico’s van een placenta praevia?
Recenter onderzoek van Schwartz et al. (2022) stellen, op basis van studie onder 251 patiënten met een ongecompliceerde placenta praevia, dat de ideale bevallingstermijn ligt tussen 38 weken en 38 weken en 6 dagen. Er werd in dit retrospectief cohortonderzoek gekeken naar uitkomsten van zowel de moeder als de baby.
Maternale uitkomsten (moeder):
- Geen significante verschillen in het samengestelde risico op ernstige maternale complicaties (zoals bloedtransfusie, opname IC, hysterectomie) tussen:
- Geplande keizersnede tussen 36 weken en 36 weken en 6 dagen ten opzichte van afwachtend beleid→ 10,5% versus 7,7% (p = 0,68)
- Geplande keizersnede tussen 37 weken en 37 weken en 6 dagen ten opzichte van afwachtend beleid → 7,2% versus 6,4% (p = 0,54)
- Spoedkeizersneden: werden vooral vanwege ernstige bloedingen uitgevoerd en namen af naarmate de zwangerschap vorderde:
- Bij 36 weken werden 86% van de spoedkeizersneden gedaan door het ernstig bloedverlies
- Bij 37 weken 76%
- Bij 38 weken 71%
Neonatale uitkomsten (baby):
- Over het algemeen waren de samengestelde neonatale uitkomsten vergelijkbaar tussen electieve en afwachtende groepen.
- Wel verhoogd risico bij geplande keizersnede in week 36 op:
- Lage Apgar score bij 5 minuten
- Hypoglykemie (lage bloedsuikerspiegel)→ ten opzichte van afwachtend beleid
