De eerste weken met een baby zijn sowieso al intens, na een keizersnede komt daar het fysieke herstel van een buikoperatie bovenop. Over het algemeen herstellen vrouwen sneller na een vaginale bevalling, alhoewel hier uiteraard een grote variatie is. Het advies is om na een keizersnede 6-8 weken niet zwaar te tillen en de buikspierbelasting minimaal te houden. Omdat bij de keizersnede zenuwen in de buikhuid zijn doorgesneden, houden vrouwen vrij lang een doof of dood gevoel rond het litteken. Boven dit gebied met een doof gevoel is er dikwijls halverwege de navel een gebied dat juist extra gevoelig is. Vaak is pas na 6-12 maanden het gevoel in de buikwand weernormaal. Soms komt het nooit meer terug.
Het littekenweefsel na een keizersnede is steviger en minder elastisch dan onbeschadigd bindweefsel. Het litteken dat je aan de buitenkant ziet, is alleen het bovenste laagje; de beschadiging gaat veel dieper omdat er verschillende lagen weefsel kapot gegaan zijn bij het openen van de buikwand. Omdat littekenweefsel veel stugger is, is de kans groter dat het litteken verkleeft met huid, spieren en bindweefsel. Dit kan pijnklachten veroorzaken, bijvoorbeeld omdat de buikspieren minder goed aangespannen kunnen worden en de onderrug daardoor eerder overbelast raakt.
Uit verschillend onderzoek (Karakaya, 2012, Stone, 2021) blijkt dat (bekkenbodem)fysiotherapie kan helpen om (pijn)klachten na een keizersnede te verminderen of verhelpen. In het onderzoek van Stone (2021) werden 72 vrouwen geïncludeerd na keizersnede na een à terme zwangerschap; de controlegroep bestond uit 39 vrouwen die standaard zorg kregen, de overige 33 vrouwen kregen 6 weken lang fysiotherapie, waaronder litteken- en bindweefselmassage. Op korte termijn (8 en 14 weken na de operatie) rapporteerde de groep met fysiotherapie minder pijnklachten, dat verschil was na een half jaar verdwenen.
Sommige vrouwen ervaren verlichting van (pijn)klachten of een doof gevoel rond het litteken door middel van acupunctuur.
