Bij de timing van de bevalling bij placenta praevia is het belangrijk om een evenwicht te vinden tussen het risico op ernstige bloedingen bij de moeder en het risico op vroeggeboorte van de baby. De meningen over de juiste timing zijn internationaal verdeeld.
De Nederlandse richtlijn van de NVOG (2008, 2015) adviseert een controle-echo rond 36 weken om het vervolgbeleid vast te stellen. Wanneer er nog altijd sprake is van een placenta praevia vindt meestal vanaf 37 weken een keizersnede plaats. De termijn hangt in de (internationale) richtlijn af van of er wel of geen complicaties voordoen tijdens de zwangerschap zoals bloedingen of vroegtijdige weeën. Daarnaast maakt de Canadese richtlijn onderscheid in risicofactoren voor een spoedkeizersnede (SCOG, 2020).
Asymptomatisch:
- Wanneer er geen complicaties zijn wordt in Nederland vaker een termijn tussen 38 en 39 weken aangehouden voor het uitvoeren van een keizersnede.
- De Amerikaanse richtlijn adviseert om patiënten met placenta praevia zonder bloedverlies te laten bevallen tussen 36 weken en 37 weken en 6 dagen zwangerschap (Anderson-Bagga & Sze, 2023).
- De Britse richtlijn (RCOG, 2018) adviseert een termijn tussen 36 weken en 37 weken.
Symptomatisch:
- De Britse richtlijn (RCOG, 2018) geeft het advies om een late vroeggeboorte (tussen 34+0 en 36+6 weken zwangerschap te overwegen bij vrouwen met placenta praevia of een laagliggende placenta die vaginaal bloedverlies hebben of andere risicofactoren voor een vroeggeboorte (bijvoorbeeld vroegtijdige weeën of een verkorte cervix).
- Dit advies is (nog) niet overgenomen door de NVOG richtlijn (2015), maar er geldt wel dat afhankelijk van de situatie wanneer er zich complicaties voordoen, een sectio (vervroegd) wordt gedaan.
De Canadese richtlijn (SCOG, 2020) maakt voor het adviseren van een vaginale bevalling of een keizersnede en de timing hiervan, onderscheid tussen wel of geen risicofactoren voor een spoedkeizersnede. Genoemde risicofactoren zijn herhaalde bloedingen, verkorte cervixlengte en voorgaande keizersnede. Ze adviseren daarbij het volgende:
- “Een keizersnede wordt aanbevolen bij vrouwen met een placenta previa bij een zwangerschapsduur van 36+0 tot 36+6 weken in aanwezigheid van risicofactoren en bij 37+0 tot 37+6 weken in afwezigheid van risicofactoren.”
- “Een keizersnede wordt aanbevolen bij vrouwen met een laagliggende placenta waarbij de placenta-rand ≤10 mm van het ostium internum ligt, bij een zwangerschapsduur van 37+0 tot 37+6 weken in aanwezigheid van risicofactoren en bij 38+0 tot 38+6 weken in afwezigheid van risicofactoren.”
- “Een “trial of labour” wordt aanbevolen bij vrouwen met een laagliggende placenta waarbij de placentarand 11 tot 20 mm van het ostium internum ligt. Een trial of labour kan worden overwogen bij zorgvuldig geselecteerde vrouwen waarbij de placenta-rand ≤10 mm van het cervixostium ligt.”
