Sinds 2023 is in Nederland één vaccin tegen het RS-virus goedgekeurd voor zwangere vrouwen (maternale vaccinatie). Het vaccin heet Abrysvo. Samen met een ander vaccin, Arexvy, is het daarnaast toegelaten voor volwassenen vanaf 60 jaar.
In tegenstelling tot de prikken die baby’s kunnen krijgen, is dit middel wel een klassiek vaccin. Het bevat RSV-antigenen die in het lichaam van de moeder een immuunreactie opwekken (actieve immunisatie). De moeder maakt dan antistoffen aan, die vervolgens via de placenta bij de baby terechtkomen. Voor de baby geldt dus dat het alsnog passieve immunisatie is, omdat deze direct de antilichamen krijgt.
Hoewel dit middel dus is toegelaten voor de vaccinatie van zwangere vrouwen, zullen zwangeren in Nederland deze vaccinatie niet standaard krijgen. Verschillende redenen hebben volgens de Gezondheidsraad tot dit besluit geleid:
- Bij maternale vaccinatie kunnen minder kinderen beschermd worden, omdat een deel buiten het seizoen wordt geboren en de werkzaamheid is afgenomen tegen de tijd dat ze hun eerste RSV-seizoen ingaan;
- Met nirsevimab kunnen ook te vroeg geboren kinderen beschermd worden, terwijl bij maternale vaccinatie het risico bestaat dat ze bij de geboorte onvoldoende beschermd zijn tegen RSV als ze binnen twee weken besmet raken;
- Er is meer zekerheid over de veiligheid van nirsevimab dan over de maternale vaccinatie (Gezondheidsraad, 2024).
Daarnaast lijkt de maternale vaccinatie bij de baby iets minder bescherming te geven dan de prik met antistoffen aan de baby zelf. De twee prikken zijn echter nooit direct met elkaar vergeleken.
Het is alsnog mogelijk om voor vaccinatie met Abrysvo te kiezen, maar de zwangere zal deze dan zelf moeten betalen. De kosten bedragen ongeveer 200 euro, exclusief afleverkosten en kosten voor het zetten van de prik.
