Een ruptuur kan zich beperken tot de oppervlakkige huid, maar kan ook tot aan het rectum doorlopen, zoals te zien is op afbeelding 1. Er wordt bij een perineumruptuur onderscheid gemaakt tussen eerste-, tweede-, derde- en vierdegraadsruptuur (Goh et al., 2018):
- Eerstegraadsruptuur: de oppervlakkige huid van het perineum is gescheurd rondom de opening van de vagina, de onderliggende weefsels zijn intact. Een eerstegraadsruptuur hoeft meestal niet gehecht te worden;
- Tweedegraadsruptuur: eerstegraadsruptuur + een scheur(tje) in de bekkenbodemspieren. Het is ook mogelijk dat er wel een vaginawandruptuur is en/of de bekkenbodemspieren gescheurd zijn, maar dat de huid intact is gebleven. Een tweedegraads ruptuur wordt meestal gehecht;
- Derdegraadsruptuur: tweedegraadsruptuur + de anale sfincter is gedeeltelijk ingescheurd. Hierbij wordt onderscheid gemaakt:
- 3A: minder dan 50% van de buitenste anale sfincter is gescheurd
- 3B: meer dan 50% van de buitenste anale sfincter is gescheurd
- 3C: zowel de binnenste als de buitenste sfincter is gescheurd (zie afbeelding 1)
- Een derdegraads ruptuur wordt op de OK onder pijnstilling (ruggenprik of narcose) gehecht.
- Vierdegraadsruptuur: derdegraadsruptuur + de anale sfincters zijn volledig gescheurd, waarbij ook het slijmvlies van het rectum bereikt is en er een opening is ontstaan tussen de vagina en de endeldarm. Dit wordt op de OK gehecht.
Eerder werd een derdegraadsruptuur een subtotaalruptuur genoemd en een vierdegraadsruptuur een totaalruptuur. Bij de herziening van de richtlijn in 2024 is dit gewijzigd: beide vormen heten nu totaalruptuur.

Naast rupturen in het perineum, kunnen ook de volgende soorten rupturen ontstaan:
- Vaginawandruptuur: hierbij zit er een ruptuur in de wand van de vagina, valt onder tweedegraads ruptuur;
- Labiumruptuur: bij een labiumruptuur zit er een ruptuur in de labia, dit valt onder een eerstegraadsruptuur;
- Clitorisruptuur: een ruptuur in het weefsel van de clitoris;
- Cervixruptuur: dit is een ruptuur in de baarmoedermond. Dit type ruptuur komt zelden voor, maar kan leiden tot een fluxus. Een cervixruptuur wordt vaker gezien bij kunstverlossingen en dient spoedig gehecht te worden.
In dit artikel hebben we het specifiek over perineumrupturen en worden bovengenoemde rupturen niet apart benoemd.
