Zoals in de introductie werd genoemd vindt een infectie met het parvovirus B19 vooral bij kinderen plaats:
Om de 3-5 jaar komt er een parvo B19 epidemie voor. Tijdens een epidemie is:
- 10% onder de 5 jaar oud;
- 70% is tussen de 5 tot 15 jaar oud;
- en 20% is boven de 15 jaar (KIZA, 2024).
De LCI-richtlijn omschrijft alleen een advies voor zwangeren die met kinderen werken indien er sprake is van een epidemie. In de richtlijn worden met name leerkrachten en pedagogisch medewerkers genoemd.
Het advies uit de LCI-richtlijn luidt als volgt:
“Bij een epidemie op school of kindercentrum hebben leerkrachten en pedagogisch medewerkers gedurende een langere periode contact met steeds weer nieuwe besmettelijke leerlingen.
Besmetting met parvovirus betreft hier een beroepsrisico. De werkgever is in het kader van de arbowetgeving verantwoordelijk voor de bescherming van zijn werknemer tegen beroepsziekten. Vermijden van het contact met besmettelijke leerlingen is mogelijk door tewerkstelling elders of beroep op de ziektewet gedurende de eerste helft van de zwangerschap. De bedrijfsarts beslist hierover, de GGD heeft een adviserende functie.
Antistoffenbepaling is noodzakelijk om te beoordelen of de betreffende leerkracht/pedagogisch medewerker haar normale werkzaamheden voort kan zetten of dat er vervangend werk moet worden gezocht. In afwachting van de uitslagen wordt de leerkracht beschouwd als niet beschermd.
Antistoffenbepaling dient bij voorkeur zo spoedig mogelijk na besmetting plaats te vinden.
Advies ten aanzien van werkzaamheden
- Leerkrachten/pedagogisch medewerkers die beschermd zijn, kunnen hun werk gewoon voortzetten.
- Zij die niet beschermd zijn, zijn aangewezen op vervangende werkzaamheden op een plaats waar zij niet met het virus in contact komen. Deze vervangende werkzaamheden zijn noodzakelijk tot het einde van de epidemie of tot en met de 20e week van de zwangerschap.
- Leerkrachten/pedagogisch medewerkers die recent besmet zijn en geen klachten hebben, kunnen in principe hun werkzaamheden voortzetten.’ (LCI, 2000).
Meer informatie over de onderbouwing van dit advies vind je in de LCI-richtlijn Parvovirus B19-infectie.
