Tijdens de zwangerschap kun je op verschillende momenten het advies krijgen voor een injectie, bijvoorbeeld voor een vaccinatie of na de baring met synthetische oxytocine.
Hoe gaat een injectie?
Injecties tijdens de zwangerschap kunnen zowel subcutaan (onder de huid) als intramusculair (in de spier) worden toegediend, afhankelijk van het type medicatie of vaccin en het doel van de injectie. Daarnaast kan medicatie intraveneus (direct in de bloedbaan) worden toegediend, via een injectie of een infuus.
Zo wordt heparine (om bloedstolsels te voorkomen) subcutaan toegediend en wordt oxytocine (voor het loslaten van de placenta) direct na de bevalling intramusculair in de bil of dijspier toegediend. Oxytocine kan ook via een intraveneus infuus worden toegediend, bijvoorbeeld bij het inleiden of niet vorderen van een baring.
De zorgverlener zal voorafgaand altijd uitleggen waarom de injectie wordt geadviseerd en hoe het injecteren in zijn werk gaat. Net zoals elke bij andere verloskundige handeling vraagt de zorgverlener of je hiermee instemt. Dat is ook een goed moment om aan te geven als je een injectie spannend vindt. De zorgverlener kan daar rekening mee houden op een manier die voor jou prettig is. Door bijvoorbeeld niet of juist wel aan te geven wanneer de injectie wordt toegediend of door deze liggend in plaats van zittend te geven. Kom je bij de GGD voor een vaccinatie, dan kan deze ook in een aparte ruimte worden gegeven waar je meer privacy hebt en nog even kunt blijven liggen als je dat wilt.
Hoe het toedienen van een injectie werkt, verschilt afhankelijk van de manier van injecteren. Enkele algemene stappen zijn bij elke injectie gelijk:
- De zorgverlener die de injectie toedient zal zijn handen wassen of desinfecteren.
- Daarna worden alle spullen die nodig zijn klaargelegd: een steriele injectiespuit, de medicatie (in een ampul of flacon), een steriele naald, alcoholdoekjes en een pleister of gaasje.
- De zorgverlener controleert de medicatie en andere artikelen: is het de juiste medicatie, met de juiste dosering, voor de juiste persoon, op het juiste moment en de juiste manier van toediening?
- De spuit wordt klaargemaakt door de medicatie met de naald op te trekken en luchtbelletjes te verwijderen.
- De zorgverlener zal je vragen om de prikplek te ontbloten. Het ligt aan de manier van injecteren waar dit is. Bij een subcutane injectie een plek met een laag vetweefsel zoals de bovenarm, dij of buik. Bij een intramusculaire injectie is dit meestal de bilspier, bovenarm of dij. Een intraveneuze injectie gebeurt in de ader van de arm of hand.
- De manier van inbrengen van de naald verschilt ook per manier van injectieren. Een intraveneuze injectie moet in de ader. Daarvoor wordt de naald schuin, dichtbij de huid ingebracht. Bij een intramusculaire injectie gaat de naald in een hoek van 90 graden, dus loodrecht, in het spierweefsel. Een subcutane injectie wordt in een hoek van 45 graden ingebracht.
- De zorgverlener dient de medicatie toe, verwijdert de naald en plakt een gaasje of pleister op de injectieplaats. De naald en spuit gaan daarna in een speciale veilige afvalcontainer.
Wanneer is een injectie nodig?
Sommige injecties zijn onderdeel van de standaard geboortezorg, anderen afhankelijk van een specifiek risico dat de zwangere loopt. Het blijft altijd een vrije keuze of je deze injectie wilt of niet. Enkele van de meest voorkomende redenen zijn:
- Vaccinaties: zwangeren die tussen 15 oktober en 1 maart van het jaar minimaal 30 weken zwanger zijn, kunnen een griepvaccinatie krijgen. Ook krijgen alle zwangeren in Nederland bij 22 weken zwangerschap een kinkhoestvaccinatie aangeboden, zodat hun baby vanaf de geboorte antistoffen voor kinkhoest heeft. Eerder kregen zwangeren ook het advies om rond de 22 weken zwangerschap eenmalig een covid-vacinatie of booster (bij eerdere vaccinatie) te halen. Dit advies is komen te vervallen omdat het risico voor zwangeren op ernstige ziekte en vroeggeboorte volgens de Gezondheidsraad heel laag is door de opgebouwde groepsimmuniteit in Nederland.
- Anti-D immunoglobuline: als je als zwangere een Rhesus-D negatieve bloedgroep hebt en de baby een Rhesus-D positieve bloedgroep heeft, kan jouw lichaam antistoffen gaan aanmaken tegen de rode bloedcellen van de baby. Dit kan voor problemen zorgen tijdens een volgende zwangerschap. Anti-D injecties rond de 30e zwangerschap en binnen 48 uur na de baring, helpen dit te voorkomen.
- IJzer of vitamine B12 injecties: als je als zwangere een ernstige vorm van bloedarmoede hebt, kunnen injecties met ijzer of vitamine B12 nodig zijn om de bloedwaarden te verbeteren.
- Oxytocine: oxytocine zorgt voor het krachtig samentrekken van de baarmoeder. Als je na de baring of keizersnede veel bloed verliest, kan een injectie (of infuus) met oxytocine worden toegediend. Door het samentrekken van de baarmoeder laat de placenta sneller los waardoor het bloedverlies eerder stopt. Meer hierover lees je in het artikel over het Nageboortetijdperk.
- Heparine of andere anticoagulantia (bloedverdunners): sommige zwangeren hebben een verhoogd risico op bloedstolsels, zoals vrouwen met trombofilie of een voorgeschiedenis van trombose. Injecties met heparine kunnen helpen om bloedstolsels te voorkomen. Deze injecties kun je ook jezelf (leren) toedienen.
- Insuline: Zwangere vrouwen met zwangerschapsdiabetes kunnen insuline-injecties nodig hebben om hun bloedsuikerspiegel onder controle te houden en complicaties voor zowel de moeder als de baby te voorkomen. Net als bij heparine, kun je insuline ook zelf (leren) toedienen.
- Steroid injecties: bij een dreigende vroeggeboorte, kan het geven van steroïden aan de moeder vóór de geboorte zorgen voor het versnellen van de longontwikkeling van de baby. Dit vermindert het risico op complicaties bij de baby na de geboorte.
- Pijnstilling: Tijdens de baring kunnen ook injecties worden toegediend als een manier om de pijn te verlichten. Voorbeelden hiervan zijn een injectie met pethidine, een opioïde pijnstiller die het pijnsignaal naar de hersenen blokkeert. Of steriele waterinjecties, een niet medicamenteuze pijnstiller waarbij onderhuids vier injecties geplaatst met elk 0,5 ml steriel water. Deze injecties worden geplaatst op de onderrug op de ‘ruit van Michaelis’. De pijnstilling werkt hoogstwaarschijnlijk door middel van neuromodulatie volgens hetzelfde principe als TENS.