Wat is het nageboortetijdperk?
Het nageboortetijdperk begint na de geboorte van de baby en eindigt met de geboorte van de placenta. Een fysiologische geboorte van de placenta is wanneer deze zonder hulp of inmenging van buitenaf wordt geboren; de moeder baart de placenta dus zelfstandig.
Na de geboorte van de baby, trekt de baarmoeder samen onder invloed van lichaamseigen oxytocine, waardoor eerst de spierlagen van de baarmoederwand dikker worden. De spiervezels van de baarmoeder zorgen voor vernauwing van de bloedvaten, waardoor er geen bloed meer van de moeder naar de placenta gaat. Het myometrium trekt samen waardoor de baarmoeder kleiner wordt en de placentalobben een voor een loslaten. Dit proces gaat door totdat de hele placenta los is van de baarmoederwand. Vaak wordt er een klein stroompje bloed gezien op het moment dat de placenta los heeft gelaten of komt de navelstreng een beetje naar buiten (Herman et al., 1993; Herman, 2002; Wickham, 2018; Reed, 2021).
Daarna wordt de placenta geboren, alhoewel het ook kan dat de placenta nog in de vagina blijft totdat de moeder perst of van houding verandert. De baarmoeder trekt verder samen en wordt kleiner, waardoor de wond (waar eerst de placenta zat) kleiner wordt. De baarmoederwanden komen dan tegen elkaar aan en de spiervezels trekken samen rondom de bloedvaten, waardoor de bloedvaten worden dicht gedrukt, wat het bloedverlies stelpt. Onder invloed van het stollingssysteem van de moeder ontstaat er een fibrinenetwerk op de wond. Doordat daar rode bloedplaatjes in blijven hangen, ontstaat er een stolsel, dat het bloeden stelpt (Herman et al., 1993; Herman, 2002; Reed, 2021).


Na de geboorte van de baby loopt er nog bloed van de placenta naar de baby. Meer hierover kun je lezen in Afnavelen (doorknippen van de navelstreng). Hierdoor neemt het volume van de placenta af. Er is een hypothese dat wanneer je de navelstreng uit laat kloppen en er minder bloed in de placenta achter is gebleven, dit de geboorte van de placenta vergemakkelijkt (Dunn et al., 1966; Botha, 1968; Levy, 1990). Dit is niet nader onderzocht en dus niet bewezen.
Normale duur van het nageboortetijdperk
Het is lastig om vast te stellen wat een normale lengte is van het nageboortetijdperk, omdat bijna alle studies over dit onderwerp zijn uitgevoerd met behulp van ‘actief leiden’ (Weeks, 2008). Dit geeft een vertekend beeld van de fysiologie, omdat ‘actief leiden’ het nageboortetijdperk kan verkorten.
- Een studie van Combs en Laros (1991) onderzocht de tijdsduur van het nageboortetijdperk bij bijna 13.000 barenden en vonden een mediane lengte van 6 minuten. Bij deze studie werd gebruik gemaakt van actief leiden.
- Een studie onder 34.000 vrouwen met een vaginale baring, waarbij bij 16.000 vrouwen afwachtend beleid werd gevoerd, werd bij 88,7% de placenta binnen 40 minuten geboren (Dixon et al., 2009).
Beleid rondom het nageboortetijdperk
Op dit moment wordt ervan uitgegaan dat als de placenta bij actief beleid niet binnen 30 minuten is geboren en bij afwachtend beleid niet binnen 60 minuten, dat het gaat om een verlengde duur van het nageboortetijdperk en er specialistische hulp in de vorm van een manuele placentaverwijdering noodzakelijk is (NICE, 2017). Dit wordt verder toegelicht bij de vragen Wat houdt een afwachtend beleid van het nageboortetijdperk in? en Wat houdt actief leiden van het nageboortetijdperk in?. Het nageboortetijdperk wordt op verschillende manieren begeleid door zorgverleners. In de basis zijn er twee manieren: er wordt ‘afwachtend beleid’ (ofwel expectatief) gevoerd, of het nageboortetijdperk wordt ‘actief geleid’. Het actief leiden is een preventief beleid om de hoeveelheid bloedverlies te verminderen, de kans op een fluxus te verminderen en de duur van het nageboortetijdperk te verkorten (NVOG, 2015; NICE, 2017). Voordat het afwachtend beleid en actief leiden worden toegelicht, wordt kort samengevat wat een fluxus inhoudt.

Naomi Vonk Fotografie